Typografie met Agency No9

De anatomie van typografie

Typografie – het zetten van letters

Typografie is al eeuwen oud en bestaat al sinds de uitvinding van het schrift

Het is niet mogelijk te bepalen wanneer of door wie de boekdrukkunst is uitgevonden. De uitvinding wordt toegeschreven aan een aantal personen. Eén van de eerste manieren om te drukken in oplage was blokdruk. Bij blokdruk is voor elke pagina een eigen uniek houtblok nodig. Men sneed afbeeldingen en tekst in het houtblok. Het blok werd met inkt behandeld en daarna legde men er een vel papier op. Dat werd met de hand aangewreven om de inkt over te brengen op papier.

De grote verbetering voor het drukken van teksten kwam toen men begon te drukken met loden letters. Deze werden samengevoegd om zo een drukvorm voor een complete pagina samen te stellen. Soms in combinatie met een afbeelding uit hout of metaal gesneden. De letters werden bewaard in kasten / lades. De ‘grote’ kapitalen letters lagen vaak in de ‘bovenkast’ en de kleine letters lagen in de ‘onderkast’. Vandaar dat we in het grafische wereld vandaag de dag nog spreken over boven- en onderkast letters.

De eerste regelzetmachine deed omstreeks 1890 intrede vanuit Amerika (Intertype) en in Europa (Linotype). Deze machines konden complete regels gieten die dan bijna helemaal automatisch in de drukplaten werden samengevoegd. Dit was in die tijd een enorme versnelling in het drukproces. Dit omdat gebruikt zetwerk niet weer hoefde teruggelegd in de letterkasten maar na gebruik weer omgesmolten werd voor hergebruik. Deze periode was een snelloop naar vlakdruk en offset- en rotatiedruk.

Check deze fantastische trailer van Linotype the Film:

Desktop Publishing kwam in opmars en de kunst van het vormgeven, zetten en drukken van tekst is vandaag de dag nog steeds onmiskenbaar onderdeel van vormgeving en design. Door de jaren heen hebben verschillende onderdelen van letters namen gekregen. Soms wel meerdere. Er zijn bijvoorbeeld ‘versies’ ontstaan door vertalingen die zijn gedaan. Voor iedereen die met typografie bezig is, is het handig om enige basiskennis te hebben. Dit gaat op voor grafisch ontwerpers, desktop publishers maar ook voor redacteuren en zelfs webdesigners.

Aperture

Het gedeeltelijke afgesloten deel van bijvoorbeeld de letter ‘c’, het onderste gedeelte van de ‘e’, ’s’ en ’n’.

Arm

Een horizontale of opwaartse streep die niet aan één of beide uiteinden verbonden is, bijvoorbeeld de schuin opwaartse strepen bij de ‘y’.

Basislijn / Baseline

De denkbeeldige lijn waarop een tekstlijn rust. De basislijn is het punt waaruit andere elementen van het lettertype worden gemeten, waaronder x-hoogte. De basislijn is ook belangrijk bij de uitlijning van dropcaps en andere pagina-elementen.

Boog / Bowl

Het gebogen deel van een letter dat het oog (counter) omsluit zoals bij de ‘d’, ‘b’ en de ‘g’.

Drop Caps / Initial

Een drop cap is een grote eerste letter van een zin die zich uitstrekt tot onder de basislijn en is veel groter dan de body tekst. Hij sluit meestal aan op een basislijn van een onderliggende tekstregel in de body tekst. Een initial is hetzelfde als een drop cap, alleen rust deze op de basislijn.

Dwarsstreep / Crossbar

De horizontale streep in letters, bijvoorbeeld bij de ‘A’.

Finial

Het deel van een letter wat meestal een ietwat tapsvormig gebogen einde heeft. Bij letters zoals de bodem van ‘c’ of ‘e’ of de top van een double-story ‘a’.

Haarlijn / Hairline

Een haarlijn is de dunste lijn die wordt gevonden in een specifiek karakter binnen een lettertype dat bestaat uit lijnen met verschillende diktes, bijvoorbeeld de ‘x’ en de ‘y’ in een serif (schreef) lettertype.

Hoofdletter / Bovenkast / Uppercase / Kapitaal

Een letter ook bekend als hoofdletter, vaak gebruikt bij het beginnen van een zin en namen.

Kapitaalhoogte / Cap Height

De kapitaalhoogte verwijst naar de hoogte van een hoofdletter boven de basislijn. Het verwijst specifiek naar de hoogte van hoofdletters die vlak zijn, zoals ‘H’ of ‘I’, in tegenstelling tot ronde letters zoals ‘O’ of puntige letters zoals ‘A’, die beide overschrijding kunnen tonen.

Kleine letter / Onderkast / Lowercase

De kleine letters of niet-hoofdletters van het alfabet zijn de onderkast letters. Ze vormen het grootste deel van de geschreven tekst.

Ligatuur / Ligature

Een ligatuur is een teken dat gevormd is door twee of meer lettervormen in één vorm te schrijven of te drukken. In het algemeen wordt een ligatuur gebruikt voor twee tekens die anders in elkaar zouden grijpen, bijvoorbeeld een overhangende ‘f’ gevolgd door een stokletter: b, f, l, k, h.

Onderkant / Vertex

Tegenovergestelde van de top maar dan aan de onderkant, bijvoorbeeld bij de letter ‘v’.

Oor / Ear

Een kleine streep / lijn die zich uitstrekt van de rechterbovenkant van de boog (bowl) van onderkast letters, bijvoorbeeld de ‘g’ bij serif (schreef) letters.

Open Pons, Open counter

Hetzelfde als een pons of oog maar dan niet volledig omsloten. Bijvoorbeeld bij de letter ’n’.

Pons/ Counter (of oog / eye bij de letter ‘e’)

Dit is het cirkelvormige of gebogen negative space (whitespace) of witruimte gedeelte van een letter wat volledig omsloten is zoals bij de ‘o’ en de ‘d’. Bij de letter ‘e’ wordt vaak alleen gesproken over het oog of eye.

Schouder / Shoulder

De gebogen streep die naar beneden wijst vanuit de stam, bijvoorbeeld bij de letter ’n’.

Spur

Een klein uitsteeksel van een hoofdlijn in een letter.

Staart / Descender

Dit is het gedeelte van sommige kleine letters, zoals ‘g’ en ‘y’, dat zich uitstrekt of daalt onder de basislijn.

Staartlengte / Beard-line / Descender line

De staartlengte is de maximale lengte van de staart van een karakter. De lengte en vorm van de staart kunnen de leesbaarheid van lijnen van het type beïnvloeden en zijn een identificatiefactoren voor sommige lettertypen.

Stam / Stem

De verticale streep in letters zoals bij de letters ‘k’ en ‘l’.

Stok / Ascender

Dit is het gedeelte van sommige kleine letters, zoals ‘h’ en ‘l’, dat zich uitstrekt of boven de basislijn komt.

Stokhoogte / Ascender Line

De opwaartse verticale stam in sommige kleine letters, zoals h en b, die zich boven de x-hoogte uitstrekt, is de ascender of stok. De hoogte van deze ascender is een herkenbaar kenmerk van vele lettertypes.

Teardrop Terminal

Einde van een lijn in een letter in de vorm van een druppel.

Terminal

Einde van een lijn in een letter. Veel bronnen beschouwen een terminal als het einde van een (rechte of gebogen) lijn die geen serif bevat. Dus bijvoorbeeld ook in een wel serif font bij ondermeer de letter ‘n’.

Top / Apex

Het punt bovenaan een letter, zoals de hoofdletter ‘A’, waar de linker- en rechterstrepen elkaar ontmoeten, is de top. De top kan een scherpe punt zijn, stomp of afgerond en is een identificatie eigenschap voor sommige lettertypes.

Vlag / Flag

De horizontale streep bij het cijfer ‘5’.

X-hoogte / X-height

De x-hoogte is in de typografie de hoogte van de onderkastletters zonder stok of staart, zoals de kleine letter ‘x’, waarnaar deze hoogte dan ook genoemd is.

2018-01-22T16:24:34+00:00

Laat een reactie achter

Heb jij al een Narrative Strategy? Meer weten 
close-image